Nijenbeek Kasteel bij voorst

De Nijenbeek

In 1296 en 1297 wordt vermeld dat het kasteel op een eiland in de IJssel staat, maar dat eiland werd vermoedelijk kort na die vermelding met het vaste land verbonden. Mogelijk heeft de huidige, stenen toren een houten voorloper gehad, zoals zo vaak voor komt, doch hiervan is niets met zekerheid bekend. Gezien het formaat van de gebruikte baksteen kan met de bouw van de toren begonnen zijn in de dertiende eeuw.
Aan het metselwerk is te zien dat de bouw enige jaren in beslag genomen heeft. Onderbrekingen in de bouw waren in die tijd zeer gebruikelijk; strenge winters, het ontbreken van geld en onrustige tijden zorgden daar wel voor. Later heeft men de toren zo'n twee-en-een-half meter verhoogd. Duideljik is te zien dat onder de huidige borstwering een dichtgezette kantelenrij aanwezig is. Oorspronkelijk was de toren gedekt met een schilddak. Later werden de traptoren en een vestibule aangebouwd. Een zeer ingrijpende verandering van het silhouet ontstond, toen men in de zestiende eeuw aan de oostzijde een aanbouw zette, die gedekt werd met een lessenaardak. Men veronderstelt dat deze aanbouw noodzakelijk was, nadat op laste van Hertog Karel een groot deel van Nijenbeek was afgebroken. Het benedendeel van die aanbouw kan heel goed kort na 1523 gebouwd zijn. Men heeft dat gedeelte verhoogd, hetgeen op oude foto's nog te zien is.
Wanneer men de voorburcht aanlegd heeft valt niet met zekerheid te zeggen, maar in 1383 was hij al aanwezig, gezien de inhoud van de tekst van de leenakte van 1 januari van dat jaar, vermeldende: 'dat huys ende borch tot Nyenbeke met syen vurgeburcht...' De plaats waar hij gelegen heeft, is vrij nauwkeurig aan te geven. Bovengronds is er niets meer van waar te nemen en het is aannemelijk dat deze voorburcht geheel afgebroken is in 1523.
In de achttiende eeuw raakte het kasteel in verval. Veel zal er niet aan onderhoud gedaan zijn, want de eigenaar woonde elders en verscheidene van hun goederen waren met hypotheken belast. Dat geeft natuurlijk wel een terugslag op de post onderhoud, maar vooral: wie bewoonde het? Waarschijnlijk een pachter. In ieder geval deelt de 'Geografische Beschijving van de Provincie Gelderland' in 1772 mede: 'Tegenwoordig ziet 'er dit Huys oud en vervallen uit'.
Wanneer Willem Anne Schimmelpenninck van der Oye in 1778 de nieuwe eigenaar van het kasteel wordt, verandert er veel ten goede. Er volgt een ingrijpende restauratie, waarbij onder meer de derde verdieping uitgebroken werd, waardoor de ridderzaal werd verhoogd. Ook metselde men een nieuwe borstwering, voorzien van grote, vierkante openingen. Wel verving men toen de kruisramen door grotere schuiframen, maar deze wijziging werd in de vorige eeuw weer teniet gedaan .
Robide' van der Aa, een negentiende-eeuwse kastelenbeschrijver, kon zich dan ook lovend uitlaten over de eigenaar en over hem schrijven: 'mogen wij van 's mans bekende verkleefdheid aan Vaderlandse gedenkstukken verwachten dat hij Nijenbeek voor een geheel verval zal bewaren, waartoe de hechtheid van deszelfs muren geschikte gelegenheid aanbiedt'. Regelmatig werden herstellingswerkzaamheden uigevoerd aan het kasteel, zoals bijvoorbeeld in 1892, toen op 1 oktober in de krant een berichtje verscheen: 'Wegens herstellingswerkzaamheden zal het slot Nijenbeek gedurende de maand October voor het publiek gesloten zijn'. Datzelfde gebeurde in oktober 1901.

Een grotere restauratie vond plaats in 1898. De krant van 22 november: 'Het bekende slot Nijenbeek bij Voorst wordt een weinig gerestaureerd. Het is geen wonder dat de muren, reeds daterend uit de 14 eeuw en steeds blootgesteld aan water, 's winters dikwijls aan ijsschotsen, herstelling behoeven'.
De huidige eigenaresse, Barones van Lynden., erfde in 1991 het slot van Baron Schimmelpenninck van der Ooye, voormalig Commissaris der Koningin in Utrecht. De baron droeg altijd goede zorg voor het historisch monument, waarin Reinoud's gevangenis en de Ridderzaal nog in de oorspronkelijke toestand waren, en dat met belangstelling door velen, waaronder ook buitenlanders, wordt bezocht. Enkele vensters zijn ook uitgenomen, welke wellicht zullen worden vervangen door lichtbogen, als het ooit tot restauratie komt.
De hechtheid van de muren werd begin april 1945 danig op de proef gesteld, toen het kasteel door de Geallieerde artillerie onder vuur genomen werd vanaf de oostelijke oever. Bij deze beschieting verloor de toren zijn in de negentiende eeuw aangebrachte piramidedak, maar veel ergere schade is onstaan, doordat het in de zestiende eeuw tegen de toren aangebouwde gedeelte vrijwel volkomen weggevaagd werd. In afwachting van restauratie werd een nooddak aangebracht, doch dit is al jaren door verrotting verdwenen, zodat de elementen vrij spel hebben in de tot ruine vervallen toren. Op de bovenkant van de toren heeft zich boomgroei ontwikkeld, waardoor het muurwerk losgewrikt wordt. Ook zijn al grote delen naar benden zijn gevallen. Zo'n vijfendertig jaar geleden stortte het toen nog aanwezige deel van het muurwek van de aanbouw naar beneden.
De toestand van de toren is thans zorgwekkend, temeer daar ook de vloeren verdwenen zijn .Hopelijk breken er voor Nijenbeek nog eens betere tijden aan.