De voorburcht

De voorburcht

Op 1 januari 1383 werd Willem van Steenbergen door hertog Willem beleend met “dat huys end borch tot Nyenbeke met synen vurgeburcht”. Dit is de vroegste vermelding van een voorburcht bij kasteel Nijenbeek. De laatste vermelding ervan is in 1595 – gepubliceerde bronnen erover van na dit jaar heb ik niet kunnen vinden, zodat niet bekend is wanneer de voorburcht definitief is afgebroken. Op oude afbeelding vanaf 1744 is er niets van te zien. De voorburcht heeft gelegen aan de landzijde van het kasteel. Hier is tegenwoordig een groot verhoogd terrein, waarop een boerderij (gebouwd 1873), een houten noodwoning en een schuur staan. Er loopt een pad naar het kasteel overheen en het terrein is in gebruik als boomgaard en als tuin. Al in 1870 had men van de voorburcht “bij het vergraven van den hof,…een gedeelte der fondamenten gevonden”. J.h. Edelman geeft hiervan een uitvoerige beschrijving: “In den tuin…heeft men dikke fundamenten opgegraven, die een weinig links van het pad door den tuin en ongeveer daaraan evenwijdig liepen. Ze maakten achterin den tuin een hoek naar rechts en in dien hoek werd een vloer gevonden, bedekt met leien en verkoold hout. Langen tijd stond in den donkeren hoek van den tuin een stuk muur en verder vond men wat dichter naar het huis een gedempten, ronden put. ” Men vond dus een noord-zuid gerichte muur met de noordwesthoek van een gebouw in de toenmalige tuin – waar dit precies was valt nu niet meer uit te maken. De huidige beheerder van het kasteel, W.J.Sonnenberg, deelde desgevraagd mee, dat hij deze overblijfselen niet kende. Wel was hij bij het aanbrengen van een hek langs de noordkant van het tegenwoordige pad gestoten op fundamenten: er liep een muur parallel met het pad langs de rand van de tuin, vanaf de noodwoning tot ter hoogte van de schuur. Verder was er bij de bouw van de schuur een bakstenen “keldertrap”gevonden. De voorburcht moet vanwege de hoge waterstanden van de IJssel hoog gelegen zijn geweest. Daarvan uitgaande heb ik geprobeerd uit het terreinverloop de ligging van de voorburcht te herleiden. Tussen de IJsseldijk en het kasteel is er een groot vijfhoekig verhoogd terrein. Het westelijk gedeelte,ongeveer vanaf de houten noodwoning, is volgens de beheerder met zand opgehoogd: de voorburcht zal ongeveer tot de huidige noodwoning gelopen hebben. De zuidwestkant van het terrein wordt gevormd door de IJsseldijk die tegenwoordig hier afbuigt naar het oosten en langs de voorburcht gaat om vlakbij de woontoren weer verder naar het zuiden te gaan. Deze knik is pas de vorige eeuw ontstaan bij een dijkverleging: oorspronkelijk ging de dijk langs de voorburcht recht naar het zuiden ( naar de “Konijnenbosch”). De zuidoostkant is vermoedelijk rechtgetrokken bij de bouw van de boerderij. De oorspronkelijke zuidmuur van de voorburcht zal dus ongeveer onder het tegenwoordige pad moeten liggen. De noordmuur zou ik ongeveer langs de noordzijde van de tuin zoeken – deze veroorzaakt de bocht in de noordoostzijde van het vijfhoekige terrein. Ik kom dus uit op een ongeveer vierkant terrein van ca 30 bij 30 meter waar de voorburcht gestaan heeft. Deze zou inderdaad, zoals J.H.Edelman al vermoedde,”bijna den geheelen tuin”vullen. De gracht rond het voorkasteel schijnt begin 19de eeuw nog zichtbaar te zij geweest: De Cloet (1827-29) spreekt nog over “trois fosses” , drie grachten. J.H.Edelman beschrijft een buitengracht, maar zijn situatiebeschrijving is slecht te volgen. Ik kon van buitengrachten in het terrein geen spoor meer vinden. Wat heeft er in de voorburcht gestaan? De enige bron hiervoor is de beknopte inventaris die in 1506 door drost willem van Melckrade voor hertog Karel is opgesteld. Van de hierin genoemd ruimtes moet een aantal in de voorburcht gezocht worden, n.l.het bakhuis, de “groiten toiren”en het brouwhuis,vermoedelijk ook de kamer”op ter poirten”en de portierskamer. Het is goed denkbaar, dat er nog meer in de voorburcht was ondergebracht, b.v. behuizing voor een garnizoen. Hiermee beland ik in de kwestie van de datering van de voorburcht. Hiervan weten we niets af. Ik zou geen conclusies willen trekken op grond van het ontbreken van de voorburcht in de summiere omschrijving van Nijenbeek in de oorkonden van 1296 en 1297. Een aanwijzing dat Nijenbeek inderdaad zo vroeg al een voorburcht had, is misschien gelegen in het feit, dat de omstreeks 1314 aangelegde IJsseldijk precies buitenlangs de voorburcht loopt. De voorburcht zou dan kunnen samenhangen met bouwactiviteiten aan de woontoren in periode I-III. Het verdwijen van de voorburcht is uiters slect gedocumenteerd. Wellicht betreft het bij de sloopwerkzaamheden van 1523 delen van de voorburcht: houdt de constructie van de oostlijke vleugel misschien verband met het afbreken van dienstgebouwen in de voorburcht? Nog in 1595 wordt de voorburcht in de bronnen vermeld,maar ergens in de volgende eeuwen wordt hij weggebroken – niet helemaal, want rond 1900 stond er ergens in de tuin nog een stuk muur van .Misschien zal archeologisch onderzoek de resten ooit weer aan het licht brengen.